Welcome to the flatlands

Posted on May 2, 2015

(Nederlandse versie, na de foto’s)

Physically, the last couple of days have been along the hardest I’ve ever experienced, and I’ve experienced some during my lifetime. Heavy snow, strong headwinds, sub-zero temperatures, rain, rain, and, I almost forgot, rain. I knew beforehand that crossing the Alps would not be a walk around the park, climbing wise. I would not have known that one of the easiest mountain passes would turn out to be one of the hardest experiences in my life.

The Arlberg pass, not one of the big boys, was covered with snow, while strong headwinds made the climb ever harder. Since the tunnel, which normally guided the main traffic between Bludenz and Innsbruck, was closed for maintenance, everyone, and I repeat, everyone, had to take the mountain pass. From Eastern European truck drivers (” ‘scuze mee meester, ees zis zee waay too Eensbruck?”) with headlight resembling fading candlelights, to Ferrari’s, Maserati’s and Porches (with speeds matching their prices).

On top of the snow, and headwinds, it turned out to be misty, very misty. I could barely see my own nose, which is normally quite visible. Every couple of seconds went on like this: sound of trucks in the background… “Please see me, please see me, please… don’t hit me”, zooooof!, “Pfew”… “ok, next one… please don’t hit me”.

Descending on icy roads is even less fun with headwinds, snow piercing your eyes (still misty, so no sunglasses) and the ever increasing speeds of overtaking traffic. Luckily, I’m still here, alive and kicking (and typing).

The advantage of snow, in comparison to rain, is that you don’t get soaking wet. The next two days after the Arlberg pass experience, ‘being soaked’ was my ever ongoing familiar state. Despite being clad in Gore Tex, top to bottom, I looked like a wrinkly eighty year old. Although, eighty year olds cycle much faster than I did. My motivation during these days was a drenched as my clothes.

Luckily, while nearing the city boundaries of Verona, the rain stopped, the wind died down and the sun started blazing, my mood following soon after.

I treated myself to a camping on top of a mountain in the old castle of San Pietro. The only camping-related complaint came from my legs. On top of a mountain means climbing, again. However, the view was breathtaking, not that I had much left, but still. And, I met people, those things that walk and talk, funny creatures.

And oh yes, one more downside… squatting toilets; the last thing my legs needed was squatting in order to, uhm, do private things.

Right now I’m on my way to Venice, Trieste, Istanbul… Hong Kong.

Keep you posted

P.S.1. “You said, every 1000km a shower… are you cheating?”… sorry, I was wet and cold, I’ll make it up to you.

P.S.2. “I barely see any rain in your pictures”… Yep, my camera is not water proof, that’s the reason.

A 'scenic' and dry lunch spot

A ‘scenic’ and dry lunch spot

Meh

Meh

image

My right hand still regrets me taking this picture

I might be having some 'navigation-related' issues

I might be having some ‘navigation-related’ issues

image

Turn nr. 8, still 11 to go

image

Unimpressed look, slow average speeds, nice view though.

image

Yes! That’s were I need to go up

image

6 in the morning and… climbing.

image

Cold morning. Nice woodwork

image

No wonder the Catholic church is losing members… they simply cannot reach their church.

image

Horrible sleeping spot nr. 3. Those ‘power lines’ are actually a gondola, with blazing light beams. No one caught me though.

image

Rain… Rain… Rain…

A beautiful camping site inside a castle... on a hill... in Verona... And, dry!

A beautiful camping site inside a castle… on a hill… in Verona… And, dry!

And, this is the view from one of the holes in the wall

And, this is the view from one of the holes in the wall

No Rain! And... SUN!

No Rain! And… SUN!

(excuses voor de fouten, tekst is vertaald vanuit het Engels i.v.m. beperkte internettijd)

Fysiek, zijn de laatste paar dagen, de moeilijkste geweest die ik ooit heb meegemaakt. Zware sneeuw, sterke tegenwind, temperaturen beneden het vriespunt, regen, regen, en ik zou het bijna vergeten, regen. Ik wist van tevoren dat het oversteken van de Alpen geen klein bier zou zijn, klimmen-technisch dan. Ik had alleen niet geweten dat een van de gemakkelijkste bergpassen  een van de moeilijkste ervaringen uit mijn leven zou blijken te zijn.

De Arlberg pas, eigenlijk niet een van de grote jongens, was bedekt met sneeuw, terwijl de sterke tegenwind m klim alleen maar harder maakte. Omdat de tunnel, die normaal gesproken het hoofdverkeer van Bludenz naar Innsbruck stuurt, was gesloten voor onderhoud, moest iedereen, en ik herhaal, iedereen, de bergpas te nemen. Van Oost-Europese vrachtwagenchauffeurs (“scuze mee meester, ees zis zee waay ook Eensbruck? ‘) Met op waxine lichtjes lijkende koplampen, tot Ferrari’s, Maserati’s en Porches (met een duidelijke prijs/snelheid ratio).

Bovenop de sneeuw, en tegenwind, het bleek het ook nog mistig, zeer mistig te  zijn. Ik kon zelfs nauwelijks mijn eigen neus zien, terwijl deze normaal gesproken erg goed zichtbaar is. Elke paar seconden gingen als volgt voorbij: geluid van vrachtwagens op de achtergrond … “Alsjeblieft zie mij, alsjeblieft zie mij, alsjeblieft … raak me niet”, zooooof!, “Pfew” … “ok, volgende … alsjeblieft, raak me niet.”

Afdalen op verijste wegen is nog minder plezierig met tegenwind, terwijl sneeuw je ogen probeert uit te steken (nog steeds mistig, dus geen zonnebril) en de steeds toenemende snelheid van het inhalend  verkeer. Gelukkig ben ik er nog, springlevend (en typend).

Het voordeel van de sneeuw, in vergelijking met de regen, is dat je niet doorweekt raakt van sneeuw. De twee dagen na de Arlberg pas ervaring, ‘doorweekt zijn’ was mijn doorlopende, stabiele situatie. Ondanks het feit dat ik van top tot teen in Gore Tex gekleed was, leek ik op een rimpelige, tachtig jaar oud mannetje. Hoewel, tachtigjarigen fietsen een stuk sneller dan dat ik deed. Mijn motivatie tijdens deze dagen was even doorweekt als mijn kleren.

Gelukkig, bij het naderen van de stadsgrenzen van Verno, stopte de regen, de wind ging liggen en begon de zon te stralen, mijn stemming volgde snel daarna.

Ik heb mezelf vervolgens getrakteerd op een camping op de top van een berg in het oude kasteel van San Pietro. De enige camping gerelateerde klacht kwam van mijn benen. ‘Op de top van een berg’ betekent klimmen, opnieuw. Echter, het uitzicht was adembenemend, niet dat ik veel had adem over had, maar toch. En, ik mensen ontmoet, je weet wel, die dingen die lopen en praten, grappige wezens.

En oh ja, nog één nadeel … hurk-toiletten; het laatste wat mijn benen nodig hadden was hurken om, uhm, privé dingen te ondernemen.

Op dit moment ben ik op weg naar Venetië, Triëst, Istanbul … Hong Kong.

Ik houd jullie op de hoogte